Bestuurder- en commissarisbeloning in belastingverdragen

In veel belastingverdragen is een specifieke bepaling voor bestuurders en commissarissen opgenomen. Dit is bijvoorbeeld ook het geval in de belastingverdragen met onze buurlanden zoals Duitsland en België.

 

Tot op heden was het mogelijk voor bestuurders- en commissarisbeloningen, als aftrek ter voorkoming van dubbele belasting, de vrijstellingsmethode toe te passen in de Nederlandse aangifte inkomstenbelasting. Vanaf 1 januari 2023 is dat niet meer toegestaan en zal vaak de veel nadeligere verrekeningsmethode van toepassing zijn.

Verschil tussen vrijstellingsmethode en verrekeningsmethode

Indien buitenlandse inkomsten in het buitenland zijn belast, moeten deze wel nog steeds in de Nederlandse aangifte inkomstenbelasting worden aangegeven en dient Nederland als woonland aftrek ter voorkoming van dubbele belasting over het buitenlandse inkomen te verlenen.

 

Vrijstellingsmethode

Bij de vrijstellingsmethode wordt een evenredig deel van de (fictief berekende) Nederlandse belasting over het wereldinkomen vrijgesteld. Dit evenredige deel wordt berekend op basis van het inkomen dat op grond van het belastingverdrag in het buitenland is belast en het totale wereldinkomen. Bij de vrijstellingsmethode wordt niet gekeken naar de werkelijke belastingheffing in het buitenland. Indien de belastingheffing in het buitenland lager is dan het fictief berekende evenredige deel in Nederland, ontstaat een belastingvoordeel, hetgeen vaak het geval is.

 

Verrekeningsmethode

Bij de verrekeningsmethode wordt de feitelijk in het buitenland betaalde belasting verrekend met de (fictieve) belastingheffing in Nederland over het inkomen dat op grond van het belastingverdrag in het buitenland is belast. Indien de Nederlandse belastingheffing hoger is dan de feitelijke belastingheffing in het buitenland, zal Nederland dus ‘bijheffen’ tot het bedrag van de Nederlandse belasting. In de omgekeerde situatie geldt er een maximum verrekening tot een evenredig deel van de Nederlandse belasting over het wereldinkomen (zogenoemde evenredigheidslimiet).

Wijziging beleid vanaf 2023 

Vanaf 1 januari 2023 is de goedkeuring vervallen om onder voorwaarden de vrijstellingsmethode toe te passen en is de verrekeningsmethode bij bestuurders- en commissarissenbeloningen van toepassing wanneer dit in het betreffende belastingverdrag zo is overeengekomen (hetgeen vaak het geval is). In dat kader is er een grote kans dat er vanaf 2023 sprake zal zijn van een hogere belastingdruk.

 

Voorbeeld

Een in Nederland wonende belastingplichtige is bestuurder van zowel een in Nederland als een in Duitsland gevestigde vennootschap. Hij ontvangt voor de werkzaamheden € 40.000 per jaar van de Duitse vennootschap en € 50.000 per jaar van de Nederlandse vennootschap. Met ingang van 2023 zal hij circa € 4.500 meer belasting gaan betalen.

 

Dit nadeel wordt vaak nog aanmerkelijk groter bij een eventuele auto van de zaak met buitenlands kenteken, doordat de bijtelling in het buitenland vaak lager is dan de Nederlandse bijtelling. Per saldo zal door de toepassing van de verrekeningsmethode een heffing plaatsvinden naar Nederlandse maatstaven/tarieven.

Mogelijkheden om de nadelen te beperken

In Nederland heeft een bestuurder naast zijn ‘statutaire’ bestuurderswerkzaamheden, ook andere werkzaamheden waar het reguliere werknemersartikel (en daarmee de vrijstellingsmethode) in het belastingverdrag op van toepassing kan zijn. Hierdoor zal er mogelijk een splitsing kunnen worden gemaakt tussen de bestuurdersbeloning voor de “statutaire” bestuurderswerkzaamheden en de beloning voor de dagelijkse werkzaamheden die een werknemer ook zou verrichten (inkomsten uit dienstbetrekking). Voor inkomsten uit dienstbetrekking blijft de vrijstellingsmethode gelden. In hoeverre de splitsing van een beloning van een buitenlandse vennootschap mogelijk is en wordt geaccepteerd, is afhankelijk van de specifieke situatie.

Wat te doen?

Wanneer je een bestuurders- of commissarisbeloning van een buitenlandse vennootschap ontvangt, is het allereerst van belang te beoordelen of de wijziging van het beleid vanaf 2023 zal leiden tot een hogere belastingdruk. In dat kader is het van belang de situatie opnieuw te laten beoordelen en te bespreken welke mogelijkheden er zijn om nadelige gevolgen zoveel mogelijk te beperken.

 

Indien dit nadelige gevolgen heeft, kan het wenselijk zijn de werkzaamheden formeel te splitsen in werkzaamheden waar het bestuurdersartikel op van toepassing is en werkzaamheden waar het reguliere werknemersartikel op van toepassing is.

 

Neem tijdig contact op met je adviseur om bovenstaande te beoordelen.

Daniela Veldman – Striekwold LL.M. RB

Belastingadviseur

0545-46 36 26 d.veldman@bonsenreuling.nl Stuur een bericht

Meer weten over wat we allemaal doen?

Plan een afspraak met één van onze specialisten.

Waarom de bedrijfsopvolgingsregeling?

Niet het leukste onderwerp om over na te denken, maar er komt een moment waarop je zult overlijden en jouw vermogen zal vererven. Om te voorkomen dat jouw kinderen daarover onnodig veel belasting moeten betalen, is het belangrijk hier nu al goed over na te denken. Zo kun je onder voorwaarden nu nog gebruik maken van de bedrijfsopvolgingsregeling, zodat een deel van jouw ondernemingsvermogen fiscaal vriendelijk overgaat naar jouw kinderen.

 

Op het moment dat je overlijdt zonder toepassing van de bedrijfsopvolgingsregeling, moeten jouw kinderen 26,9% inkomstenbelasting in box 2 afdragen over de waarde van jouw ondernemingsvermogen. Daarnaast moeten jouw kinderen ca. 20% erfbelasting betalen over de waarde van jouw ondernemingsvermogen (na aftrek van de betaalde inkomstenbelasting). Per saldo leidt dit tot een acute belastingdruk van ruim 42% over de waarde van jouw ondernemingsvermogen. Dit bedrag kan dus behoorlijk oplopen. Het is maar de vraag of jouw kinderen deze forse belastingclaims kunnen betalen, aangezien het ondernemingsvermogen dat zij erven ‘vastzit’ in de onderneming en niet zomaar liquide gemaakt kan worden. Dit kan een serieuze bedreiging zijn voor de continuïteit van de onderneming.

 

Om dit probleem op te lossen, bestaat op dit moment nog de bedrijfsopvolgingsregeling. Deze regeling zorgt ervoor dat de inkomstenbelastingclaim in box 2 voor onbepaalde tijd kan worden uitgesteld, en dat de erfbelasting wordt beperkt tot slechts maximaal 3,4%.

Hoelang bestaat de bedrijfsopvolgingsregeling nog?

Deze gunstige bedrijfsopvolgingsregeling staat al lange tijd onder druk. Er zijn de afgelopen tijd in de politiek diverse voorstellen gedaan die variëren van versobering tot volledige afschaffing van de bedrijfsopvolgingsregeling. Het nieuwe kabinet heeft aangegeven de BOR kritisch te gaan evalueren. Wat er precies met de BOR gaat gebeuren is nog onzeker, maar er bestaat een reëel risico dat de regeling wordt afgeschaft of versoberd. Dus als je er gebruik van wil maken, doe het dan nog dit jaar.

Bedrijfsopvolgingsregeling nú gebruiken

De BOR geldt niet alleen als jouw ondernemingsvermogen vererft bij overlijden, maar ook als je bij leven (een deel van) jouw ondernemingsvermogen schenkt aan jouw kinderen. Dus het is mogelijk om toepassing van de bedrijfsopvolgingsregeling nu nog veilig te stellen door dit jaar (een deel van) jouw ondernemingsvermogen te schenken aan jouw kinderen.

 

Los van fiscale afwegingen, spelen emotionele afwegingen natuurlijk ook een rol. Is het wel verantwoord om kinderen nu al een behoorlijk bedrag aan vermogen te schenken? Kunnen ze dit vermogen in 1 keer opmaken? Krijgen ze daarmee ook zeggenschap in de onderneming? En hoe zit het met ‘de koude kant’ bij scheiden of overlijden van een kind? Op al deze vragen is het antwoord: je kunt dit inkleden zoals je zelf wilt. Het is dus zeker mogelijk om te regelen dat jouw kinderen geen enkele zeggenschap krijgen in de onderneming, en ook nog geen gebruik kunnen maken van het vermogen. Het schenken van (een deel van) jouw ondernemingsvermogen heeft dan vooralsnog alleen fiscale (voordelige) gevolgen.

Vereenvoudigd rekenvoorbeeld bedrijfsopvolgingsregeling

Een vereenvoudigd rekenvoorbeeld laat nog duidelijker de belastingvoordelen zien als nu gebruik wordt gemaakt van de BOR.

 

Stel: een ondernemer heeft 3 kinderen, en schenkt ieder kind 15% van het ondernemingsvermogen (dus in totaal 45%). De waarde van de onderneming bedraagt € 15 miljoen. De waarde van de schenking per kind is daarmee € 2,25 miljoen (€ 6,75 miljoen totaal).

 

Voordelen bij toepassing BOR:

  • Uitstel inkomstenbelastingclaim box 2: ca. € 1,8 miljoen;
  • Besparing erfbelasting: ca. € 1 miljoen;
  • 45% waardestijging van de onderneming vanaf moment van schenking komt onbelast bij kinderen terecht.

 

De te betalen schenkbelasting over het niet-vrijgestelde deel bedraagt dan per kind: ca. € 52.000 (in totaal ca. € 156.000). De belastingdruk op het overgegane deel van het ondernemingsvermogen is dus slechts 2%!

Voorwaarden toepassing bedrijfsopvolgingsregeling

Om de BOR te kunnen toepassen, moet aan enkele voorwaarden worden voldaan. De belangrijkste zijn:

  • Je moet zelf minimaal 5 jaar eigenaar (ondernemer of aandeelhouder) zijn geweest van de onderneming;
  • de kinderen moeten minimaal 3 jaar op de loonlijst staan bij de onderneming (arbeidsomvang is niet relevant);
  • de onderneming moet na de schenking minimaal 5 jaar worden voortgezet en de kinderen moeten gedurende
  • deze 5 jaar eigenaar (ondernemer of aandeelhouder) blijven van het geschonken deel van de onderneming;
  • het moet gaan om ondernemingsvermogen (de BOR kan niet worden toegepast op beleggingsvermogen).

 

Het is dus niet noodzakelijk dat de kinderen ook daadwerkelijk de (beoogde) bedrijfsopvolger zijn; het is voldoende dat zij 3 jaar op de loonlijst staan en na de schenking nog 5 jaar eigenaar blijven van het geschonken deel van het ondernemingsvermogen.

Advies nodig?

Gebruikmaken van de BOR is al met al best een omvangrijk traject. Gelet op het grote fiscale voordeel dat kan worden behaald, is het absoluut de moeite waard om te onderzoeken of ook jij de BOR nog kan toepassen. Heb je hierover vragen of wil je eens sparren over de mogelijkheden om zelf de BOR te benutten? Neem dan gerust vrijblijvend contact op met één van onze fiscalisten of jouw vaste contactpersoon binnen BonsenReuling.

 

Publicatiedatum: 01-02-2022

mr. Angelo Kumeling RB

Belastingadviseur

0544-39 33 33 a.kumeling@bonsenreuling.nl Stuur een bericht

Meer weten over wat we allemaal doen?

Plan een afspraak met één van onze specialisten.

Let op: dit hoeft niet persé te gaan om een échte bedrijfsopvolging waar ook de operationele taken worden overgedragen aan de volgende generatie. Vaak gaat het alleen maar om de overdracht van een deel van de aandelen aan de – soms nog minderjarige – kinderen. De kinderen krijgen dan fiscaalvriendelijk een stuk vermogen op hun naam, zonder dat ze iets te zeggen krijgen over dat vermogen. Zelfs al ben je van plan je bedrijf over een jaar of 5 extern te verkopen aan de hoogste bieder, is het zeer aan te bevelen om nu in 2022 de BOR te gebruiken door een deel van de aandelen aan de kinderen te schenken.

Hoelang blijft de BOR nog bestaan?

Deze gunstige regeling staat al lange tijd onder druk. Zo zijn er de afgelopen tijd al diverse beleidsopties verschenen die pleiten voor een aanpassing van de BOR, van versobering tot zelfs het volledig afschaffen. Uit het recente regeerakkoord blijkt dat ook het nieuwe kabinet gaat onderzoeken of de BOR moet worden aangepast. Een evaluatie van de regeling wordt naar verwachting dit voorjaar afgerond.

Wat er precies met de BOR gaat gebeuren is nog onbekend. Dat de BOR in haar huidige vorm de langste tijd heeft gehad, lijkt vrijwel zeker. Om nog gebruik te kunnen maken van de huidige ruimhartige faciliteiten raden wij ten zeerste aan een voorgenomen bedrijfsopvolging dit jaar nog uit te voeren.

 

Advies: begin op tijd 
De beslissing om de onderneming al dan niet (gedeeltelijk) over te dragen naar de volgende generatie is een grote stap. Het is belangrijk om hier voldoende tijd voor te nemen. De ervaring leert dat ook afstemming met de Belastingdienst de nodige tijd in beslag neemt. Wil je nog gebruik maken van de huidige BOR, wacht dan niet te lang en neem op korte termijn contact met ons op.

 

BonsenReuling helpt graag
Wij hebben jarenlange ervaring met bedrijfsopvolgingstrajecten en hebben naast de fiscale kant van het verhaal ook oog voor de gevolgen voor het bedrijf en de familie. Wij kijken graag naar de mogelijkheden en voordelen die de BOR voor jouw onderneming biedt.

 

Publicatiedatum: 13-01-2022

mr. Harry Hurkens RB

Senior belastingadviseur

0481-36 58 20 h.hurkens@bonsenreuling.nl Stuur een bericht

Meer weten over wat we allemaal doen?

Plan een afspraak met één van onze specialisten.

Meer weten over wat we allemaal doen?

Plan een afspraak met één van onze specialisten.

Waarom de bedrijfsopvolgingsregeling?

Niet het leukste onderwerp om over na te denken, maar er komt een moment waarop je zult overlijden en jouw vermogen zal vererven. Om te voorkomen dat jouw kinderen daarover onnodig veel belasting moeten betalen, is het belangrijk hier nu al goed over na te denken. Zo kun je onder voorwaarden nu nog gebruik maken van de bedrijfsopvolgingsregeling, zodat een deel van jouw ondernemingsvermogen fiscaal vriendelijk overgaat naar jouw kinderen.

 

Op het moment dat je overlijdt zonder toepassing van de bedrijfsopvolgingsregeling, moeten jouw kinderen 26,9% inkomstenbelasting in box 2 afdragen over de waarde van jouw ondernemingsvermogen. Daarnaast moeten jouw kinderen ca. 20% erfbelasting betalen over de waarde van jouw ondernemingsvermogen (na aftrek van de betaalde inkomstenbelasting). Per saldo leidt dit tot een acute belastingdruk van ruim 42% over de waarde van jouw ondernemingsvermogen. Dit bedrag kan dus behoorlijk oplopen. Het is maar de vraag of jouw kinderen deze forse belastingclaims kunnen betalen, aangezien het ondernemingsvermogen dat zij erven ‘vastzit’ in de onderneming en niet zomaar liquide gemaakt kan worden. Dit kan een serieuze bedreiging zijn voor de continuïteit van de onderneming.

 

Om dit probleem op te lossen, bestaat op dit moment nog de bedrijfsopvolgingsregeling. Deze regeling zorgt ervoor dat de inkomstenbelastingclaim in box 2 voor onbepaalde tijd kan worden uitgesteld, en dat de erfbelasting wordt beperkt tot slechts maximaal 3,4%.

Hoelang bestaat de bedrijfsopvolgingsregeling nog?

Deze gunstige bedrijfsopvolgingsregeling staat al lange tijd onder druk. Er zijn de afgelopen tijd in de politiek diverse voorstellen gedaan die variëren van versobering tot volledige afschaffing van de bedrijfsopvolgingsregeling. Het nieuwe kabinet heeft aangegeven de BOR kritisch te gaan evalueren. Wat er precies met de BOR gaat gebeuren is nog onzeker, maar er bestaat een reëel risico dat de regeling wordt afgeschaft of versoberd. Dus als je er gebruik van wil maken, doe het dan nog dit jaar.

mr. Angelo Kumeling RB

Belastingadviseur

0544-39 33 33 a.kumeling@bonsenreuling.nl Stuur een bericht

Meer weten over wat we allemaal doen?

Plan een afspraak met één van onze specialisten.

Waarom de bedrijfsopvolgingsregeling?

Niet het leukste onderwerp om over na te denken, maar er komt een moment waarop je zult overlijden en jouw vermogen zal vererven. Om te voorkomen dat jouw kinderen daarover onnodig veel belasting moeten betalen, is het belangrijk hier nu al goed over na te denken. Zo kun je onder voorwaarden nu nog gebruik maken van de bedrijfsopvolgingsregeling, zodat een deel van jouw ondernemingsvermogen fiscaal vriendelijk overgaat naar jouw kinderen.

 

Op het moment dat je overlijdt zonder toepassing van de bedrijfsopvolgingsregeling, moeten jouw kinderen 26,9% inkomstenbelasting in box 2 afdragen over de waarde van jouw ondernemingsvermogen. Daarnaast moeten jouw kinderen ca. 20% erfbelasting betalen over de waarde van jouw ondernemingsvermogen (na aftrek van de betaalde inkomstenbelasting). Per saldo leidt dit tot een acute belastingdruk van ruim 42% over de waarde van jouw ondernemingsvermogen. Dit bedrag kan dus behoorlijk oplopen. Het is maar de vraag of jouw kinderen deze forse belastingclaims kunnen betalen, aangezien het ondernemingsvermogen dat zij erven ‘vastzit’ in de onderneming en niet zomaar liquide gemaakt kan worden. Dit kan een serieuze bedreiging zijn voor de continuïteit van de onderneming.

 

Om dit probleem op te lossen, bestaat op dit moment nog de bedrijfsopvolgingsregeling. Deze regeling zorgt ervoor dat de inkomstenbelastingclaim in box 2 voor onbepaalde tijd kan worden uitgesteld, en dat de erfbelasting wordt beperkt tot slechts maximaal 3,4%.

Hoelang bestaat de bedrijfsopvolgingsregeling nog?

Deze gunstige bedrijfsopvolgingsregeling staat al lange tijd onder druk. Er zijn de afgelopen tijd in de politiek diverse voorstellen gedaan die variëren van versobering tot volledige afschaffing van de bedrijfsopvolgingsregeling. Het nieuwe kabinet heeft aangegeven de BOR kritisch te gaan evalueren. Wat er precies met de BOR gaat gebeuren is nog onzeker, maar er bestaat een reëel risico dat de regeling wordt afgeschaft of versoberd. Dus als je er gebruik van wil maken, doe het dan nog dit jaar.

Vaste reiskostenvergoeding tot en met 2021

Tot en met 2021 kan er een vaste reiskostenvergoeding worden betaald op basis van de zogenoemde 128-dagenregeling. De vaste reiskostenvergoeding mag worden gegeven alsof de werknemer 214 dagen per kalenderjaar naar de vaste werkplek reist, zolang de werknemer op kalenderjaarbasis ten minste 128 werkdagen naar de vaste werkplek reist. Voor werknemers die parttime werken moet de 128-dagenregeling en berekening van de reiskostenvergoeding pro-rata worden toegepast.

Vaste vergoedingen structureel thuiswerken per 1 januari 2022

Werknemers die structureel een aantal dagen per week thuis en op de vaste werkplek (bijvoorbeeld op kantoor) werken, kunnen onder voorwaarden per 1 januari 2022 een gecombineerde maandelijkse onbelaste vaste thuiswerkvergoeding en een vaste onbelaste reiskostenvergoeding voor woon-werkverkeer ontvangen.

Vaste thuiswerkvergoeding en vaste reiskostenvergoeding per 1 januari 2022

Per 1 januari 2022 geldt de 128-dagenregeling naast de vaste reiskostenvergoeding ook voor de vaste thuiswerkvergoeding. De 128-dagenregeling is wel aangepast, waardoor de vaste thuiswerkvergoeding en vaste reiskostenvergoeding pro-rata moeten worden berekend op basis van het aantal thuiswerkdagen en reisdagen. Hiermee wil de wetgever voorkomen dat op een thuiswerkdag ook nog een onbelaste vaste reiskostenvergoeding kan worden betaald. Dit wordt duidelijk aan de hand van het onderstaande voorbeeld.

 

Verder geldt voor werknemers die parttime werken nog steeds dat de vaste vergoedingen pro-rata moeten worden berekend.

 

Voorbeeld vaste thuiswerkvergoeding en vaste reiskostenvergoeding

Conclusie
De totale vaste reiskostenvergoeding en thuiswerkvergoeding valt per saldo per 1 januari 2022 lager uit ten opzichte van de vaste reiskostenvergoeding tot en met 2021. Dit is slechts anders wanneer de enkele reisafstand naar de vaste werkplek niet meer dan 5 kilometer bedraagt.

 

Door de pro-rata toepassing van de 128-dagenregeling hoeft ziekte, vakantie, klantbezoek, meerdaagse cursus of een andere reden die incidenteel afwijkt van het afgesproken werkschema niet direct te leiden tot aanpassing van de vaste vergoedingen.

 

Verder blijft het in 2022 mogelijk om de vergoeding op declaratiebasis te betalen in plaats van een vaste vergoeding te betalen.

Gemengde kosten

De kosten voor thuiswerken van maximaal € 2 per dag zijn voor de vennootschapsbelasting en inkomstenbelasting in beginsel gemengde kosten (deels zakelijk en deels privé). Er is voor de thuiswerkvergoeding bepaald dat € 0,95 (koffie/thee) onder de aftrekbeperking gemengde kosten valt en het resterende bedrag van € 1,05 volledig aftrekbaar is van de winst.

Wat te doen?

Wanneer een werknemer structureel thuiswerkt en er is een reiskostenvergoeding overeengekomen, dan moeten de reis- en thuiswerkdagen in beeld worden gebracht en afspraken over de thuiswerkvergoeding en reiskostenvergoeding worden gemaakt. Wij adviseren om de afspraken met de werknemer schriftelijk vast te leggen.

 

Wanneer een werknemer incidenteel thuiswerkt en dit ook in 2022 het geval blijft, dan kan de reiskostenvergoeding op dezelfde wijze worden verwerkt als in 2021. Daarbij blijft het bij een vaste reiskostenvergoeding belangrijk te controleren of de werknemer voldoet aan de 128-dagenregeling.

 

Verder zal door het thuiswerken het kostenschema van de werknemer veranderen, waardoor beoordeeld moet worden in hoeverre de eerdere onderbouwing van de algemene vaste kostenvergoeding (op basis van een kostenonderzoek) nog juist is.

 

Datum van publicatie: 14-12-2021

mr. Angelo Kumeling RB

Belastingadviseur

0544-39 33 33 a.kumeling@bonsenreuling.nl Stuur een bericht

Meer weten over wat we allemaal doen?

Plan een afspraak met één van onze specialisten.

Indeling klein, middelgroot of grote werkgever

Of je een kleine, middelgrote of grote werkgever bent, is afhankelijk van het totale premieloon van twee jaar terug (2021).

 

Bij een premieloonsom tot € 905.000 ben je een kleine werkgever. Met een premieloonsom van € 905.000 tot € 3.620.000 ben je een middelgrote werkgever en bij een premieloonsom van € 3.620.000 ben je een grote werkgever.

AOF-premie

Afhankelijk of je een kleine of middelgrote of grote werkgever bent, betaal je de lage of hoge AOF-premie.

 

Voor kleine werkgevers is de premie 5,46% en voor middelgrote en grote werkgevers is de premie 7,11%. De AOF-premie is voor het arbeidsongeschiktheidsfonds. Hieruit worden de WAO-, WIA-, WAZ- en WAZO-uitkeringen betaald.

WHK-premie

De WHK-premie is voor de werkhervattingskas. Deze premie is ontstaan uit de Wet beperking ziekteverzuim en arbeidsongeschiktheid. Met de komst van deze wet werd de werkgever onder andere door middel van het betalen van een extra premie verantwoordelijk voor werknemers die na uitdiensttreding aanspraak maken op een WGA- of ziektewetuitkering.

 

De premie bestaat uit twee premies:

  • WGA-premie (Regeling werkhervatting gedeeltelijk arbeidsgeschikten)
  • ZW-premie (Ziektewet)

 

Van de WGA-premie kun je maximaal 50% verhalen op jouw werknemers.

Hoogte premie

Voor kleine werkgevers is de WHK-premie afhankelijk van de sector waarin je bent ingedeeld. Voor middelgrote werkgevers is de premie deels afhankelijk van het ziekteverzuim in jouw organisatie (na uitdiensttreding) en deels van de sector waarin je bent ingedeeld. Voor grote werkgevers is de premie geheel afhankelijk van het ziekteverzuim in jouw organisatie.

 

Dit ziekteverzuim wordt bepaald op basis van gegevens uit het verleden. Dit is een complexe berekening gebaseerd op jouw loonsom en het totaalbedrag aan uitkeringen dat twee jaar geleden is uitbetaald aan de uitkeringsgerechtigden die verbonden zijn aan jouw organisatie.

 

Indien je een middelgrote of grote werkgever bent volgens jouw beschikking, adviseren wij je dan ook de beschikking goed te (laten) controleren.

Harmien Prins-Rouw

Adviseur Salaris-desk

0545-46 36 26 h.prins@bonsenreuling.nl Stuur een bericht

Meer weten over wat we allemaal doen?

Plan een afspraak met één van onze specialisten.

Indeling klein, middelgroot of grote werkgever

Of je een kleine, middelgrote of grote werkgever bent, is afhankelijk van het totale premieloon van twee jaar terug (2021).

 

Bij een premieloonsom tot € 905.000 ben je een kleine werkgever. Met een premieloonsom van € 905.000 tot € 3.620.000 ben je een middelgrote werkgever en bij een premieloonsom van € 3.620.000 ben je een grote werkgever.

Hoogte premie

Voor kleine werkgevers is de WHK-premie afhankelijk van de sector waarin je bent ingedeeld. Voor middelgrote werkgevers is de premie deels afhankelijk van het ziekteverzuim in jouw organisatie (na uitdiensttreding) en deels van de sector waarin je bent ingedeeld. Voor grote werkgevers is de premie geheel afhankelijk van het ziekteverzuim in jouw organisatie.

 

Dit ziekteverzuim wordt bepaald op basis van gegevens uit het verleden. Dit is een complexe berekening gebaseerd op jouw loonsom en het totaalbedrag aan uitkeringen dat twee jaar geleden is uitbetaald aan de uitkeringsgerechtigden die verbonden zijn aan jouw organisatie.

 

Indien je een middelgrote of grote werkgever bent volgens jouw beschikking, adviseren wij je dan ook de beschikking goed te (laten) controleren.

Harmien Prins-Rouw

Adviseur Salaris-desk

0545-46 36 26 h.prins@bonsenreuling.nl Stuur een bericht

Meer weten over wat we allemaal doen?

Plan een afspraak met één van onze specialisten.

Waar het kabinet eerder heeft besloten om het merendeel van de steunmaatregelen voor ondernemers per 1 oktober jl. te beëindigen, vormen de strengere coronamaatregelen aanleiding om het nog lopende steunpakket uit te breiden. De uitbreiding geldt voor het vierde kwartaal van 2021 onder voorbehoud van goedkeuring door de Europese Commissie.

Herleving TVL-regeling

De aangekondigde Vaste Lasten Nachthoreca (VLN)-regeling wordt verbreed tot TVL vierde kwartaal 2021. De regeling ziet er als volgt uit. Ondernemers, die in het vierde kwartaal van 2021 een omzetverlies hebben van 30% of meer ten opzichte van de referentieperioden en aan de overige voorwaarden voldoen, komen in aanmerking voor een TVL-subsidie. De hoogte van de subsidie wordt berekend aan de hand het omzetverlies, de sectorafhankelijk vastgestelde vaste lasten en het subsidiepercentage van 85. De voor de VLN aangekondigde voorwaarde, dat de ondernemer in zowel het tweede als in het derde kwartaal van 2021 TVL-steun moet hebben ontvangen, wordt niet opgenomen in de TVL voor het vierde kwartaal.

Regeling Ongedekte Vaste Kosten (OVK)

Land- en tuinbouwbedrijven hebben te maken met het landbouwspecifieke plafond van het staatssteunkader, waardoor gelijke behandeling met andere bedrijven die TVL ontvangen niet mogelijk is. Daarom geldt de OVK ook in het vierde kwartaal van 2021.

Ondersteuning voor evenementen

Voor evenementen, die door de overheid in verband met corona zijn verboden, loopt tot het einde van het jaar de Tijdelijke Regeling Subsidie Evenementen COVID-19 (TRSEC). Het subsidiepercentage wordt verhoogd naar 100 tot en met 31 december 2021, zoals ook in de zomer het geval was.

De Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO.nl) werkt momenteel de Aanvullende Tegemoetkoming Evenementen (ATE) uit. Deze regeling wordt naar verwachting begin 2022 opengesteld. De ATE zou aanvankelijk gelden voor evenementen in de periode van 10 juli t/m 24 september 2021, waarvoor geen aanspraak op TRSEC bestaat. Vanwege het nieuwe evenementenverbod wordt de ATE uitgebreid tot de periode van 10 juli tot en met 31 december 2021. Evenementen, die buiten de garantieregeling vallen, die voldoen aan de gestelde voorwaarden van de ATE en die geannuleerd worden vanwege een door het Rijk afgekondigd evenementenverbod, komen voor vergoeding in aanmerking. De vergoeding bedraagt 100%.

Ondersteuning voor de culturele sector

Van 13 november tot 4 december 2021 mogen geen evenementen plaatsvinden waarbij de bezoekers geen zitplaats hebben. Daarnaast geldt een maximale capaciteit van 1.250 bezoekers per ruimte. De suppletieregeling bij het Fonds Podiumkunsten voor instellingen, die te maken hebben met deze beperkende maatregelen, wordt uitgebreid naar een vergoeding van maximaal 55% van de kaarten van de totale reguliere capaciteit en opengesteld voor voorstellingen met een zitplaats. Sommige instellingen zullen, indien zij aan de voorwaarden voldoen, ook aanspraak kunnen maken op de TVL Q4 2021.

Aanvullende ondersteuning voor de sport

Voor professionele sportwedstrijden stelt het kabinet maximaal € 36 miljoen beschikbaar ter compensatie van de geleden schade van kaartverkoop en compensatie van seizoenkaarthouders voor de periode 13 november tot 4 december 2021. Voor de amateursport is maximaal € 5 miljoen beschikbaar. De minister van VWS werkt beide regelingen in samenwerking met de sportsector uit.

Vangnet zelfstandigen

Voor zelfstandigen is inkomensondersteuning beschikbaar in de vorm van het Besluit bijstandverlening zelfstandigen 2004 (Bbz). Het Bbz is tijdelijk vereenvoudigd om de overgang van de Tozo naar het Bbz beter uitvoerbaar te maken. De verwachting is dat de Tozo niet weer van stal wordt gehaald.

Geen nieuwe tranche NOW

Naar verwachting zal de NOW niet herleven, gezien de krappe arbeidsmarkt. De NOW is een generieke en grofmazige regeling en kan niet sectorspecifiek worden ingezet. Wel worden voorbereidingen getroffen voor een mogelijke herstart van de NOW als de beperkende maatregelen na 4 december 2021 worden verlengd.

Bron: Ministerie van Financiën | publicatie | CE-AEP / 21286925 | 16-11-2021

Waarom de bedrijfsopvolgingsregeling?

Niet het leukste onderwerp om over na te denken, maar er komt een moment waarop je zult overlijden en jouw vermogen zal vererven. Om te voorkomen dat jouw kinderen daarover onnodig veel belasting moeten betalen, is het belangrijk hier nu al goed over na te denken. Zo kun je onder voorwaarden nu nog gebruik maken van de bedrijfsopvolgingsregeling, zodat een deel van jouw ondernemingsvermogen fiscaal vriendelijk overgaat naar jouw kinderen.

 

Op het moment dat je overlijdt zonder toepassing van de bedrijfsopvolgingsregeling, moeten jouw kinderen 26,9% inkomstenbelasting in box 2 afdragen over de waarde van jouw ondernemingsvermogen. Daarnaast moeten jouw kinderen ca. 20% erfbelasting betalen over de waarde van jouw ondernemingsvermogen (na aftrek van de betaalde inkomstenbelasting). Per saldo leidt dit tot een acute belastingdruk van ruim 42% over de waarde van jouw ondernemingsvermogen. Dit bedrag kan dus behoorlijk oplopen. Het is maar de vraag of jouw kinderen deze forse belastingclaims kunnen betalen, aangezien het ondernemingsvermogen dat zij erven ‘vastzit’ in de onderneming en niet zomaar liquide gemaakt kan worden. Dit kan een serieuze bedreiging zijn voor de continuïteit van de onderneming.

 

Om dit probleem op te lossen, bestaat op dit moment nog de bedrijfsopvolgingsregeling. Deze regeling zorgt ervoor dat de inkomstenbelastingclaim in box 2 voor onbepaalde tijd kan worden uitgesteld, en dat de erfbelasting wordt beperkt tot slechts maximaal 3,4%.

Hoogte premie

Voor kleine werkgevers is de WHK-premie afhankelijk van de sector waarin je bent ingedeeld. Voor middelgrote werkgevers is de premie deels afhankelijk van het ziekteverzuim in jouw organisatie (na uitdiensttreding) en deels van de sector waarin je bent ingedeeld. Voor grote werkgevers is de premie geheel afhankelijk van het ziekteverzuim in jouw organisatie.

 

Dit ziekteverzuim wordt bepaald op basis van gegevens uit het verleden. Dit is een complexe berekening gebaseerd op jouw loonsom en het totaalbedrag aan uitkeringen dat twee jaar geleden is uitbetaald aan de uitkeringsgerechtigden die verbonden zijn aan jouw organisatie.

 

Indien je een middelgrote of grote werkgever bent volgens jouw beschikking, adviseren wij je dan ook de beschikking goed te (laten) controleren.

Wat te doen?

Er bestaan diverse mogelijkheden om in te spelen op het voorgaande. Naast het opsplitsen van vennootschappen kan, rekening houdend met goedkoopmansgebruik, winst eerder worden verantwoord dan men oorspronkelijk van plan was. Verder kan gedacht worden aan het vervangen van vreemd vermogen door eigen vermogen.

Publicatiedatum: 11-11-2021

Harmien Prins-Rouw

Adviseur Salaris-desk

0545-46 36 26 h.prins@bonsenreuling.nl Stuur een bericht

Meer weten over wat we allemaal doen?

Plan een afspraak met één van onze specialisten.